In 2026 verschuift het juridische speelveld snel: van nieuwe privacy- en energieregels tot veranderingen in de advocatuur en de samenwerking met GC’s. Michiel van Straaten spreekt Quirine Tjeenk Willink van Kennedy Van der Laan over belangrijke ontwikkelingen voor GC’s.
Welke ontwikkelingen binnen jouw specialismen energie, telecom en bestuurlijke handhaving verwacht je in 2026 die grote bedrijven nu al moeten incalculeren?
In 2026 treedt de Energiewet in werking, met nieuwe mogelijkheden en verplichtingen voor de sector. Voor bedrijven buiten de energiesector is relevant dat netcongestie op het elektriciteitsnet in 2026 onverminderd een uitdaging blijft, onder meer door groei van hernieuwbare energie en elektrificatie. Met (relatief) nieuwe mogelijkheden van de wetgever en van ACM, zoals energiedelen, dynamische energiecontracten en flexibiliteitsdiensten (denk aan batterijopslag) kunnen bedrijven zich toch vestigen en elektrificatiedoelstellingen behalen in congestiegebieden. Bovendien kan dit daarmee alsnog op een milieu- en kostenbewuste manier. Het is voor GC goed om alert te zijn op potentiële belemmeringen die netcongestie mee kan brengen voor de bedrijfsvoering en de groenstrategie. Maar daarbij is vooral ook belangrijk in het vizier te houden dat er dus oplossingen beschikbaar zijn, waarvan de werking ook al is bewezen. Op de gebieden van telecom en bestuurlijke handhaving staan in 2026 focusgebieden cyberveiligheid, digitale weerbaarheid en (online) consumentenbescherming centraal bij toezichthouders RDI en ACM. Cyber compliance staat natuurlijk al hoog op de agenda van GC en dat zal, ook met inwerkingtreding van nieuwe wetgeving, in 2026 niet veranderen. We zagen daarnaast in 2025 in de toezichtpraktijk een trend in marktbrede voorlichting door toezichthouders op onderwerpen in focusgebieden, gevolgd door handhaving. Een voorbeeld daarvan is de kruistocht die ACM in 2025 is gestart tegen onrechtmatige telemarketing en door2door-verkoop. Ik verwacht dat deze trend in 2026 zal doorzetten en dat deze gaat leiden tot geïntensiveerde handhaving bij bedrijven die zich tot consumenten richten.
Vanuit jouw rol binnen het kantoor en als bestuurslid: welke veranderingen zie jij in de professionele advocatuur die voor General Counsel het meest impactvol gaan zijn?
Het ligt natuurlijk voor de hand, maar de invloed van AI op de professionele advocatuur gaat denk ik het meest impactvol zijn voor GC. Eerdere ervaring met hypes, zoals Big Data begin jaren ’10, hebben mijn verwachtingen voor de korte termijn overigens wel wat getemperd. In 2010 dachten we dat onze slimme ijskasten binnenkort zelf zouden gaan bestellen als de melk op was en ook dat de juridische dienstverlening in no time gemarginaliseerd zou kunnen worden, omdat besluitvorming over juridische onderwerpen binnen bedrijven volledig geautomatiseerd zou gaan gebeuren. We zijn inmiddels 15 jaar verder en veel is slimmer, maar ik doe mijn boodschappen wel gewoon zelf en mijn werk als advocaat is ook nog niet wezenlijk veranderd. Dat gezegd hebbend, realiseer ik me als bestuurder dat AI geen hype is, maar een boeiend instrument dat ons werk en verdienmodel wel degelijk ingrijpend gaat veranderen. Ik verwacht dat door de komst van AI de rol van advocaat uiteindelijk steeds verder wegschuift van een uitvoerende; bedrijfsjuristen zijn op termijn met AI zelf in staat om in een paar seconden grondig jurisprudentieonderzoek te doen, due diligence te doen op grote hoeveelheden data en relevante informatie over specialistische juridische onderwerpen te filteren. Daar hebben (grote teams van) advocaten straks mogelijk nauwelijks meerwaarde meer. Dat is impactvol en levert voor GC enorme besparingen op. Tegelijkertijd zijn andere, meer strategische, controlerende, persoonlijke, ethische en procedurele facetten van ons werk niet zomaar door AI te vervangen – en in ieder geval niet binnen afzienbare termijn. We blijven dus voorlopig complementair aan bedrijfsjuristen, maar op andere onderdelen. Ik zie de komst van AI daarom vooral als een mooie kans om samen met onze cliënten na te denken over een duurzame herinrichting van onze dienstverlening. Dat maakt de samenwerking met GC overigens nu al veelzijdiger.
Je hebt zowel bij grote kantoren gewerkt als bij Alliander als GC. Hoe kunnen advocatenkantoren en GCs volgens jou nog beter samenwerken en van elkaar leren en wat doen jullie als kantoor om aan te sluiten bij de uitdagingen van een GC?
Ik denk door een beter begrip te creëren van elkaars uitdagingen en prioriteiten. Eigenlijk komt dat neer op het tonen van (persoonlijke) interesse en het wederzijds nemen van tijd om een laagdrempelige relatie op te bouwen. GC opereren als strategische businesspartners en verwachten dat hun advocaten adviezen niet alleen juridisch correct, maar ook praktisch toepasbaar en afgestemd op de bedrijfsstrategie opleveren. Advocaten kunnen daartoe zelf leren door zich te verdiepen in de sector. Maar zij kunnen ook van de GC leren; door te begrijpen wat specifieke KPI’s zijn, wat actuele prioriteiten en uitdagingen van de organisatie zijn en vooral ook door inzicht te krijgen hoe het risicomanagement van de organisatie eruitziet. Dat lijkt een open deur, maar is dat in de praktijk in mijn ervaring zeker niet altijd. Als GC heb ik ervaren dat advocaten niet doorvroegen naar de reden achter een vraag of steevast erg gehaast waren in contacten. En als advocaat ervaar ik wel dat GC zelf in beginsel alleen indirecte contacten met advocaten hebben. Dat leidt denk ik niet tot de beste samenwerking. Binnen Kennedy Van der Laan vinden we het heel belangrijk dat onze advocaten tijd krijgen en ook nemen om onze cliënten goed te leren kennen. We hebben accountmanagement daarom tot een strategisch speerpunt gemaakt in alle lagen van onze organisatie. Zo proberen we het investeren in de relatie organisch onderdeel te laten worden van de werkwijze van al onze advocaten.We zijn ervan overtuigd dat in zo’n investering van tijd en aandacht de sleutel naar een succesvolle samenwerking ligt. Die investering werkt overigens wel twee kanten op; als je als advocaat weinig of geen contact hebt met een GC en telkens alleen mag adviseren over stand-alone vragen, is het erg ingewikkeld om echt meerwaarde te kunnen creëren. Hoe meer je met elkaar deelt wat er speelt en hoe meer je met elkaar samenwerkt op verschillende onderwerpen, hoe beter je je als advocaat kunt ontwikkelen tot de sparringpartner die je voor de GC wilt zijn.